Wat doet de EU: Milieu

Leuk, al dat gepraat over de EU, maar wat doet de Europese Unie eigenlijk? De komende periode zullen we je met korte stukjes tekst meer vertellen over wat de Unie doet om het leven van de mensen in Europa en daarbuiten te verbeteren. Vandaag gaan we in op het onderwerp Milieu.

De EU heeft milieunormen ontwikkeld die tot de strengste ter wereld behoren, de natuur beschermen, de economie vergroenen en leiden tot een behoedzaam en rationeel gebruik van de natuurlijke hulpbronnen.

Milieu-uitdagingen kennen geen grenzen. Daarom moeten we ze aanpakken via samenwerking, zowel binnen de EU als met de rest van de wereld. Het milieu beschermen en duurzame groei bevorderen gaan hand in hand. Het milieubeleid kan een belangrijke rol spelen bij het scheppen van banen en het bevorderen van investeringen. Groene innovaties kunnen worden toegepast en uitgevoerd naar andere landen, wat Europa concurrerender maakt en de levenskwaliteit van de mensen verbetert.

Wat doet de EU?
Het zevende milieuactieprogramma van de EU vormt de leidraad voor het milieubeleid van de Unie tot 2020 en schetst waar de EU in 2050 moet staan: een leefomgeving waarin niets wordt verspild, natuurlijke hulpbronnen duurzaam worden beheerd en de biodiversiteit wordt gerespecteerd, beschermd en hersteld.

Het programma mikt op drie prioriteiten:

  1. De natuurlijke rijkdommen van de EU beschermen, behouden en verbeteren;
  2. van de EU een grondstoffenefficiënte, groene en concurrerende koolstofarme economie maken, en
  3. de EU-burgers beschermen tegen milieugerelateerde risico’s voor de volksgezondheid en het welzijn.

We hebben de natuur nodig om te leven, dus moeten we er zorg voor dragen. We delen hulpbronnen zoals water, lucht, natuurlijke habitats en de soorten die ze ondersteunen, en we delen ook milieunormen om ze te beschermen. De EU zet zich in om deze natuurlijke hulpbronnen te beschermen en het uitsterven van bedreigde soorten en habitats een halt toe te roepen.

Natura 2000 is een netwerk van 26 000 beschermde natuurlijke gebieden dat bijna 20 % van de landmassa van de EU beslaat en waar duurzame menselijke activiteiten naast zeldzame en kwetsbare soorten en habitats kunnen bestaan. Als het gaat om het milieu, zijn de mensen het meest bezorgd over water, luchtvervuiling en chemische stoffen. Om de mensen te beschermen tegen milieugerelateerde druk en risico’s voor de gezondheid en het welzijn, wil de EU met haar milieubeleid veilig drinkwater en zwemwater garanderen, de luchtkwaliteit verbeteren, het lawaai verminderen en de gevolgen van schadelijke chemische stoffen beperken of elimineren.

Met haar actieplan voor een circulaire economie wil de EU onze economie omvormen door de levensduur en recyclebaarheid van producten te verbeteren en door materialen en middelen zo lang mogelijk te gebruiken. Met een andere kijk op de levenscycli van producten kunnen kostbare hulpbronnen duurzamer worden beheerd, kan afval worden beperkt en kan Europa veerkrachtiger worden gemaakt wat de levering van grondstoffen betreft.

Zorgen over het milieu stoppen niet aan de EU-grenzen. De wereldbevolking blijft groeien en de EU is een voortrekker in de internationale inspanningen om duurzame ontwikkeling te bevorderen. Meer maatregelen zijn nodig om ervoor te zorgen dat de lucht, oceanen en andere watervoorraden schoon worden gehouden, dat de bodem en ecosystemen duurzaam worden gebruikt en dat de klimaatverandering op een beheersbaar niveau wordt gehouden.

Meer informatie vind je hier.

Wat doet de EU: Klimaat

Leuk, al dat gepraat over de EU, maar wat doet de Europese Unie eigenlijk? De komende periode zullen we je met korte stukjes tekst meer vertellen over wat de Unie doet om het leven van de mensen in Europa en daarbuiten te verbeteren. Vandaag gaan we in op de Klimaatactie.

De EU zet zich in om de uitstoot van broeikasgassen te beperken, andere grote vervuilers aan te moedigen om krachtiger op te treden, en het hoofd te bieden aan de onvermijdbare gevolgen van klimaatverandering.

Wat doet de EU?
Om de klimaatverandering onder gevaarlijke niveaus te houden, is de internationale gemeenschap overeengekomen dat de gemiddelde stijging van de temperatuur wereldwijd ruim onder 2 °C boven het pre-industriële niveau moet worden gehouden, met als doel de stijging te beperken tot 1,5 °C. Als we de klimaatverandering nu aanpakken, kunnen menselijke en economische kosten in de toekomst worden voorkomen. De EU-strategie voor aanpassing aan de klimaatverandering omvat het bouwen van bescherming tegen overstromingen, het ontwikkelen van droogtebestendige gewassen en het wijzigen van bouwvoorschriften.

Als klimaatverandering niet wordt bestreden, kan dat voor de EU een zeer dure zaak zijn, maar de stijgende vraag naar schone technologieën biedt een mogelijkheid om te innoveren en groene groei en banen te creëren. Klimaatactie is in alle gebieden van de EU-begroting opgenomen en 20 % van de EU-begroting voor 2014-2020 is bestemd voor klimaatgerelateerde initiatieven.

De EU heeft zichzelf de volgende klimaat- en energiedoelstellingen voor 2020 opgelegd:

  • 20 % minder uitstoot van broeikasgassen in vergelijking met 1990 (ten minste 40 % tegen 2030);
  • 20 % van de totale verbruikte energie uit hernieuwbare bronnen (ten minste 27 % tegen 2030);
  • een 20 % hogere energie-efficiëntie dan bij ongewijzigd beleid (ten minste 27 % tegen 2030).
  • Op langere termijn zet de EU zich in om haar uitstoot van broeikasgassen tegen 2050 met 80-95 % te verminderen in vergelijking met het niveau van 1990.

Het emissiehandelssysteem van de EU vormt de hoeksteen van de klimaatstrategie van de EU en beperkt op een kostenefficiënte manier de uitstoot van de industrie, energiecentrales en luchtvaartmaatschappijen binnen de EU. De EU beschikt ook over beleidsmaatregelen om de uitstoot in andere economische sectoren aan te pakken, zoals vervoer en landbouw.

De EU leidt de wereldwijde inspanningen om klimaatverandering te bestrijden, met name door de internationale gemeenschap ertoe te brengen om het momentum van het akkoord van Parijs van 2015 te behouden en de nodige stappen te ondernemen om het in praktijk te brengen.

Meer informatie vind je hier.

Bijna 700 miljoen voor duurzaam vervoer

De Europese Commissie heeft voorgesteld om € 695,1 miljoen te investeren in 49 kernprojecten om duurzame en innovatieve vervoersinfrastructuur in Europa te ontwikkelen voor alle vervoerswijzen. De geselecteerde projecten zullen infrastructuur realiseren die een groter gebruik van alternatieve brandstoffen en elektrische auto’s mogelijk maakt, het Europese luchtverkeersbeheer moderniseren en het water- en spoorwegvervoer verder ontwikkelen. Onder de kernprojecten zijn 7 Nederlandse initiatieven, die €65,5 miljoen euro krijgen om de transportinfrastructuur in Nederland te verbeteren.

EU-commissaris voor Transport Violeta Bulc zei: “Ons investeringsplan voor Europa is een resultaat: vandaag stellen we voor 700 miljoen euro te investeren in 49 belangrijke vervoersprojecten via de Connecting Europe Facility (CEF). Deze projecten concentreren zich op de strategische delen van Europa’s vervoersnetwerk om de grootste toegevoegde waarde en impact van de EU te waarborgen, zodat we onze overgang naar emissiearme mobiliteit in Europa verder kunnen versnellen en de agenda van de EU voor banen en groei duidelijk kunnen waarmaken. € 2,4 miljard aan publieke en private medefinanciering. ”

Het grootste deel van de financiering zal worden besteed aan de modernisering van het Europese luchtverkeersbeheer (ATM – € 290,3 miljoen), aan de ontwikkeling van innovatieve projecten en nieuwe technologieën voor vervoer (€ 209,5 miljoen), evenals aan de verbetering van het spoorwegnet, maritieme verbindingen en havens en binnenwateren (€ 103,6 miljoen). Bij de ondersteuning van de geselecteerde projecten komt de Commissie duidelijk tegemoet aan de doelstellingen die zijn uiteengezet in haar pakket Schone mobiliteit.

Meer dan € 250 miljoen aan CEF-financiering zal worden geïnvesteerd in 26 projecten die speciaal zijn gericht op de ontwikkeling van nieuwe technologieën in het vervoer, met name de bevordering van alternatieve brandstoffen, zoals het aanleggen van een netwerk van bio-vloeibaar gemaakte aardgasstations op wegen die Zuid-Spanje en Oost-Polen verbinden, via Frankrijk, België, Nederland en Duitsland en ontwikkeling van zero-emissie openbaarvervoersdiensten voor de luchthaven van Amsterdam.

De effecten van de klimaatverandering

De herfst is in aantocht. De dagen worden donkerder, natter en de wind neemt toe. Kunnen we weer de nodige najaarsstormen verwachten? Worden ze heviger dan vorig jaar? Het zou zomaar kunnen, want de gevolgen van de klimaatverandering zijn ook bij ons voelbaar. Op onderstaande infographic zie je in één oogopslag bij welke zone we horen: De Atlantic Region. Daar kunnen we de komende jaren zwaardere regenval, een hogere waterstand van onze rivieren en meer kans op overstromingen verwachten. Ook ligt meer schade door stevige winterstormen in de lijn der verwachting en domweg slecht, slecht weer. Keerzijde van de medaille is dat het gemiddeld wat warmer is hier en dat de kosten voor de verwarming daardoor iets zullen afnemen…

Beleid rondom klimaatvluchtelingen in de kinderschoenen

De succesvolle lezingenserie Europa Actueel had op 22 april zijn tweede editie met een lezing over klimaatverandering en klimaatvluchtelingen. Weerman Jan Visser en Dorothea Hilhorst, hoogleraar humanitaire hulp en wederopbouw schetsten beide vanuit hun eigen expertise een helder beeld van de internationale situatie rondom klimaatverandering en klimaatvluchtelingen.

Jan Visser begon de lezing met het spreken over klimaatverandering. Hij presenteerde de ijsbeer als symbool van klimaatverandering, een zoogdier op de vlucht voor de gevolgen van klimaatverandering. Verder legde Jan Visser uit hoe de laatste jaren de temperatuur omhoog is gegaan en he zee-ijs aan het verdwijnen is. Vervolgens sprak hij over enkele gevolgen zoals het stijgen van de zeespiegel en overstromingen, maar ook extreem hoge temperaturen en bosbranden in landen als Spanje en Portugal. Hij sloot de lezing af met een link naar Europa. Samenwerken is namelijk hard nodig op dit vlak. Europese maatregelen zijn een start, maar we moeten nog harder werken willen we verdere uitbreiding van de problemen voorkomen.

Na de pauze was het woord aan Dorothea Hilhorst, hoogleraar humanitaire hulp en wederopbouw. Zij ging met het publiek in gesprek over klimaatvluchtelingen. Ze legde uit dat nu de wereldbevolking zo groot is geworden, we ook meer natuurrampen hebben. Gebieden die het moeilijk hebben zullen het nog moeilijker gaan krijgen. Het fenomeen zelf is geen ramp, maar juist de schade die daarvan komt. Dit leidt meestal tot de vraag: hebben landen de capaciteit om hiermee om te gaan? Klimaatverandering speelt een belangrijke rol bij klimaatvluchtelingen, maar het is nooit de enige oorzaak. Dit is juist gevaarlijk, in feite geef je dan klimaatverandering de schuld. Sommige landen kunnen zich beter weren tegen klimaatverandering dan andere landen, dat heeft onder andere te maken met geld en een goede overheid. Maar moeten we klimaatvluchtelingen nu wel of geen asiel verlenen? Dit is lastig te beantwoorden aangezien het denken over klimaatvluchtelingen echt nog in de kinderschoenen staat.

De volgende editie van Europa actueel vindt plaats op 27 mei om 13:30 met als thema ‘Buurman en Boeman Poetin’. Natasja Nikolic zal deze middag inhoudelijk verzorgen. De toegang is gratis, maar reserveren is gewenst via deze link.

Weerman en hoogleraar over klimaatvluchtelingen

Naast de economische en politieke vluchteling moeten wij ons opmaken voor een nieuw soort ontheemde: de klimaatvluchteling. Een onderschat probleem dat het westen de komende jaren zal overspoelen. Door de klimaatverandering zijn bepaalde delen van de wereld niet meer bewoonbaar zijn en de zoveelste humanitaire ramp ligt op de loer. Dit in het westen relatief onbekende, maar dreigende fenomeen wordt op 22 april toegelicht door weerman Jan Visser en hoogleraar Humanitaire Hulp Dorothea Hilhorst tijdens de tweede Europa Actueel-lezing. De Europa Actueellezingen vinden maandelijks plaats op zondagmiddag van 13.30 – 15.30 uur in Bibliotheek Kennemerwaard te Alkmaar Centrum. De toegang is gratis!

De sprekers
Weerman Jan Visser begon zijn werk met het verzorgen van weerberichten in verschillende kranten, waaronder de Trouw en het Noord-Hollands Dagblad. Ook op de radio en tv bracht hij de laatste voorspellingen rondom het weer, onder andere bij Radio Noord-Holland, Radio 10 en bij RTV Noord Holland. Daarnaast heeft Jan Visser zijn eigen website waarop dagelijks weerberichten verschijnen.

Visser neemt het eerste deel van de lezing voor zijn rekening. Hij wordt gevolg door hoogleraar Dorothea Hilhorst. Zij is sinds 2015 hoogleraar humanitaire hulp en wederopbouw aan het International Institute of Social Studies van de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Van 2006 tot 2017 was ze bijzonder hoogleraar humanitaire hulp aan de Wageningen Universiteit. Haar publicaties richten zich voornamelijk op de dagelijkse praktijk van humanitaire hulp, rampenrisicovermindering, aanpassing aan klimaatverandering, wederopbouw en vredesopbouw. Daarnaast coördineert ze onderzoeksprogramma’s in Angola, DRC, Afghanistan, Ethiopië, Soedan, Mozambique en Oeganda.

Reserveren doet u hier!

Sophie schrijft: Hoe duurzaam is je telefoon? – Deel 3: Circulaire economie

Sophie de Maat is stagiaire bij Europe Direct Noord-Holland Noord en bijzonder geïnteresseerd in het milieu en duurzaamheid. De komende periode publiceert zij een reeks blogs waarin het thema duurzaamheid centraal staat. Zij belicht daarbij uiteenlopende onderwerpen, van de Duurzame Stad tot de Europese Unie en haar duurzame maatregelen. Ben je geïnteresseerd in duurzaamheid of wil je meer leren over duurzaamheid houdt deze reeks artikelen dan in de gaten!

In veel opzichten zitten we vast in een lineaire economie. In een lineaire economie worden grondstoffen verzameld, omgevormd tot producten, de producten worden gebruikt en uiteindelijk eindigt het product als afval. Een overgang van een lineaire economie naar een circulaire economie zal veel voordelen opleveren, ook voor het milieu. Een circulaire economie kijkt breder en houdt zich vast aan de aanpak ‘reduce, reuse en recycle’. Tijdens het verzamelen van grondstoffen wordt er verminderd waar mogelijk, producten worden gemaakt van herbruikbare grondstoffen of materialen, en in plaats van het product weggooien wordt het gerecycled.

Voor de mobiele telefoon industrie zal de overgang naar een circulaire economie veel van de problemen oplossen die in de vorige artikelen zijn beschreven, zoals e-waste en het feit dat telefoons nauwelijks worden recycled. Bedrijven die zich hiervoor inzetten zijn bijvoorbeeld ‘Fairphone’ en ‘Closing the Loop’. ‘Fairphone’ zet zich in voor een langdurig en duurzaam ontwerp, eerlijke materialen en grondstoffen, goede arbeidsomstandigheden en het hergebruiken en recyclen van telefoons. ‘Closing the Loop’ is een bedrijf dat het proces van mobiele telefoons circulair probeert te maken. Ze halen oude telefoons op in Ghana, om zo het elektronisch afval daar te verminderen. En vervolgens laten ze de telefoons in België recyclen. Waardoor een groot gedeelte van de metalen kan worden teruggewonnen.

Het voordeel van deze twee bovenstaande bedrijven is dat het productieproces en de bedrijven transparant zijn. Grote bedrijven als Apple en Nokia hebben veel minder inzicht in het productieproces, hier is er sprake van een gebrek aan transparantie. Met grote bedrijven is er ook vaak sprake van ‘greenwashing’. Een bedrijf doet zich dan groener voor dan dat het daadwerkelijk is. Maar dit wil niet zeggen dat deze bedrijven alleen maar een negatieve impact hebben op de mobiele telefoon industrie. Er zijn zeker ook grote bedrijven die bijvoorbeeld strijden voor duurzaamheid en conflictvrije mijnen. Maar met deze commerciële bedrijven blijft het einddoel altijd winst.

Je telefoon en het productieproces van je telefoon zijn uiteindelijk dus veel slechter voor milieu en mens als dat je misschien in eerste instantie dacht, maar de overgang naar een circulaire economie en duurzame bedrijven als ‘Fairphone’ en ‘Closing the Loop’ bieden de oplossingen voor problemen als e-waste, en het feit dat telefoons nauwelijks worden gerecycled. Ook het verbeteren van de arbeidsomstandigheden in de mobiele telefoon industrie wordt gezien als een doel. Hier hebben bijvoorbeeld de mijnwerkers weer baat bij.

Bron: Het Groene Brein, Tegenlicht, Fairphone, Closing the Loop

Sophie schrijft: Hoe duurzaam is je telefoon? – Deel 2: Mijnwerkers

Sophie de Maat is stagiaire bij Europe Direct Noord-Holland Noord en bijzonder geïnteresseerd in het milieu en duurzaamheid. De komende periode publiceert zij een reeks blogs waarin het thema duurzaamheid centraal staat. Zij belicht daarbij uiteenlopende onderwerpen, van de Duurzame Stad tot de Europese Unie en haar duurzame maatregelen. Ben je geïnteresseerd in duurzaamheid of wil je meer leren over duurzaamheid houdt deze reeks artikelen dan in de gaten!

Ondergronds werken voor 12 uur per dag in gevaarlijke omstandigheden. Dat is de realiteit voor coltan mijnwerkers in Congo. Coltan is een mineraal dat wordt gebruikt voor het samenstellen van mobiele telefoons. Wist jij dat je telefoon uit wel meer dan honderd verschillende grondstoffen bestaat? Veel van die grondstoffen komen net als coltan uit Congo of uit andere derdewereldlanden.

Mijnwerkers in Congo, die essentiële mineralen voor de elektronica industrie winnen, werken onder slechte arbeidsomstandigheden. Daarnaast is er sprake van massale kinderarbeid in de mijnen. Wat het nog erger maakt is dat de winsten van de mineralen het bloedigste conflict sinds de Tweede Wereldoorlog in Congo financieren; de oorlog heeft bijna 20 jaar geduurd en is onlangs weer opgelaaid. Om deze redenen worden ze ook wel bloedmobieltjes genoemd.

Congo is een zwakke staat, waar rebellengroep de strijd met elkaar aangaan. En een kostbare stof in de grond maakt de situatie niet beter. De strijdende partijen verhandelen coltanerts op een illegale manier om de oorlog te financieren, want oorlogvoeren is niet goedkoop.

Enkele westerse organisaties zijn bezig met het opzetten van ‘conflictvrije mijnen’. Bedrijven als Nokia, Phillips, en Apple werken hier actief aan mee. Maar ook de Tweede Kamer zet zich hier voor in, een proefproject is opgestart om op een legale manier coltanerts te winnen. Het doel is om uiteindelijk een eerlijke en conflictvrije telefoon op de markt te brengen.

In het volgende en laatste deel van deze reeks, zal de weg naar een ‘fairphone’, en een circulaire economie worden toegelicht.

Bron: The Guardian en NRC

Sophie schrijft: Hoe duurzaam is je telefoon? – Deel 1: E-waste

Sophie de Maat is stagiaire bij Europe Direct Noord-Holland Noord en bijzonder geïnteresseerd in het milieu en duurzaamheid. De komende periode publiceert zij een reeks blogs waarin het thema duurzaamheid centraal staat. Zij belicht daarbij uiteenlopende onderwerpen, van de Duurzame Stad tot de Europese Unie en haar duurzame maatregelen. Ben je geïnteresseerd in duurzaamheid of wil je meer leren over duurzaamheid houdt deze reeks artikelen dan in de gaten!

De grootste problemen, in de mobiele telefoon industrie, naar mijn mening, zijn het e-waste wat wordt geproduceerd, de werkomstandigheden van de mijnwerkers, en het feit dat telefoons moeilijk recyclebaar zijn. In deze driedelige reeks gerelateerd aan de vraag: Hoe duurzaam is je telefoon?, zullen alle drie de thema’s nader worden toegelicht. Dit eerste gedeelte zal gaan over e-waste, het elektronisch afval.

Een telefoon bestaat uit vele onderdelen. Maar wist je bijvoorbeeld dat er ook goud zit in je telefoon! Daarnaast zitten er ook andere waardevolle metalen, zoals koper, zilver en platina, in een telefoon verwerkt. Deze onderdelen komen van over de hele wereld. Het terugwinnen van goud heeft een nieuwe wereldwijde industrie gestart, wat ook wel urban mining wordt genoemd.

Veel elektronisch afval van geïndustrialiseerde landen wordt in derde wereld landen gedumpt, voornamelijk West-Afrika. Voormalige natuurparken zijn nu plekken waar tonnen e-waste worden gedumpt. Al dat elektronisch afval wordt uit elkaar gehaald door kinderen van vijf, zes jaar. Ze slaan het kapot of ze verbranden het, om bij de edele metalen te komen. Door dit proces komen er veel giftige zware metalen in de atmosfeer en in de bodem, wat verwoestend werkt op milieu en volksgezondheid. Deze metalen kunnen zelfs in de voedselketen en uiteindelijk het lichaam terecht komen. Dit veroorzaakt veel soorten ziektes, zoals kanker, hoge bloeddruk enz. De kinderen die dit werk doen, verdienen nog geen euro per dag. Het geld dat ze verdienen gaat op aan medicijnen.

Helaas is dit niet het enige probleem in de mobiele telefoon industrie. Ook mijnwerkers hebben het zwaar, daar zal het volgende gedeelte van deze reeks artikelen over gaan. Maar gelukkig is er ook hoop, met de beweging richting een circulaire economie, waarin bedrijven hard werken om telefoons toch te recyclen. Hier zal het laatste gedeelte over gaan in de reeks ‘ Hoe duurzaam is je telefoon?’.

Bron: Tegenlicht

Sophie schrijft: De stad van de toekomst

Sophie de Maat is stagiaire bij Europe Direct Noord-Holland Noord en bijzonder geïnteresseerd in het milieu en duurzaamheid. De komende periode publiceert zij een reeks blogs waarin het thema duurzaamheid centraal staat. Zij belicht daarbij uiteenlopende onderwerpen, van de Duurzame Stad tot de Europese Unie en haar duurzame maatregelen. Ben je geïnteresseerd in duurzaamheid of wil je meer leren over duurzaamheid houdt deze reeks artikelen dan in de gaten!

In de toekomst zal de wereldbevolking oplopen naar 9 miljard, en volgens de Verenigde Naties zal maar liefst 70 procent daarvan in steden wonen. Er is een groot verschil tussen de stad en het platteland. Wonen op het platteland betekent vaak meer ruimte, veel groen en een schonere lucht. Maar hoe kan de stad ook aangenamer, schoner en groener worden gemaakt, zodat het leefbaar blijft voor iedereen? Er is behoefte aan het verduurzamen van steden.

Er zijn verschillende vlakken waarop de stad kan verduurzamen. Met betrekking tot de voedselconsumptie zal in duurzame steden efficiënt gebruik worden gemaakt van de beschikbare  ruimte. Voedsel zal in gebouwen of op daken verbouwd worden, ook wel urban farming’’ of ‘vertical farming’ genoemd. En bijkomstigheid is het feit dat er op deze manier ook geen transport naar de stad meer nodig is. Daarnaast zal voedselverspilling zoveel mogelijk worden vermeden, bijvoorbeeld door middel van restaurants die koken met restvoedsel. Andere voorbeelden zijn recycling en het creëren van een circulaire economie, waarbij niet wordt weggegooid maar juist wordt hergebruikt. Hiernaast kan ook worden gedacht aan veel groen, energie van hernieuwbare bronnen, regionalisering en duurzaam vervoer zoals fietsen en elektrische auto’s.

Dit zijn enkele voorbeelden van hoe een duurzame stad er in de toekomst uit zal kunnen zien. Maar er zijn nu zelfs ideeën voor drijvende steden. Blue Frontiers is zo’n bedrijf dat duurzame drijvende steden ontwikkelt. Joe Quirck, medeoprichter van Blue frontiers, gelooft dat deze drijvende steden een hulpmiddel kunnen zijn bij het redden van het milieu. Een stijgende zeespiegel is één van de gevolgen van de opwarming van de aarde. Een drijvende stad zou de perfecte oplossing zijn aangezien het overstromingsgevaar op deze manier wordt weggenomen. Bovendien kunnen klimaatvluchtelingen opgevangen worden in zulke steden. En daarnaast redden de drijvende steden de  koraalriffen die door klimaatverandering en de opwarming van de aarde aan het verdwijnen zijn. Het koraal kan nog herstellen als de temperatuur van de zee daalt. Blue frontiers heeft speciale platforms ontwikkeld die schaduwen creëren in het water, zodat de temperatuur kan dalen. In 2020 wordt de eerste drijvende stad gebouwd.

Sophie de Maat

Bronnen: